Tijdens de Tweede Wereldoorlog stortten ruim 1.200 vliegtuigen neer op Nederlands grondgebied, waarvan een 80-tal in de Brabantse Westhoek.
De piloten en machines van de Luftwaffe heersten tijdens de Blitzkrieg als ware adelaars. De trots van edelgermaan Herman Goering had gevechtservaring opgedaan tijdens de Spaanse burgeroorlog (1936) en in Polen (1939). Nederland had een luchtvloot waarvan het grootste deel bestond uit linnen tweedekkers, zoals de Fokker C10 en de Koolhoven FK51. Er waren wel modernere wendbaardere toestellen met een grotere vuurkracht zoals de Fokker G1 (36 in totaal) en een aantal Fokker D-XXI jagers. Maar tegen onder meer de Messerschmitt Me109-jagers waren ze geen partij. Dat de Nederlandse editie van de Blitzkrieg toch nog vijf dagen duurde, kwam door de vasthoudende weerstand van met name de Rotterdamse mariniers die uiteindelijk met het bombardement op Rotterdam werd gebroken. Maar ook door de Duitse inzet op de eerste dag van trage transportvliegtuigen die door het Nederlands luchtafweergeschut werd neergehaald of gedwongen werden een noodlanding te maken.


Met name West Brabant ervoer dat de Tweede Wereldoorlog in belangrijke mate in de lucht werd beslist. Bijna alle geallieerde bombardementsvluchten vanuit Engeland naar het Ruhrgebied kwamen over de West-Brabant. Van de ruim 1.200 vliegtuigen die tijdens de Tweede Wereld Oorlog op Nederlandse bodem stortte, vielen zo’n 80 in deze regio waaronder een aantal bij Zevenbergen, Klundert, Willemstad en Steenbergen.
De intrigerende verhalen achter een aantal van deze crashes komen aan bod tijdens de lezing van de heemkundigen Hans van Dordrecht en Willem van Dranen op dinsdag 7 maart 2017.
De lezing vindt plaats bij Diner-Café van der Hooft, Markt 8 te Zevenbergen. De lezing start om 20.00 uur, de zaal gaat om 19.30 uur open. Toegang is gratis. Meer informatie kunt u vinden via: www.heemkundezevenbergen.nl